Toe naar behandelingen op maat.jpg

Verschillen bij diabetes type 1 vragen om persoonlijke behandelingen

Het is steeds duidelijker dat er verschillende vormen van diabetes type 1 zijn. Een recent onderzoek laat belangrijke verschillen zien tussen kinderen die net auto-immuniteit hebben en kinderen die dit al langer hebben. Deze kennis helpt om in de toekomst behandelingen op maat te ontwikkelen.

Bij diabetes type 1 valt de afweer de eigen insulineproducerende bètacellen aan. Diabetes type 1 is daarom een auto-immuunziekte (‘autos’ betekent ‘zelf’ in het Grieks). Voordat iemand diabetes type 1 krijgt, is de auto-immuniteit al een tijdje bezig. Bij sommige mensen begint het kort van tevoren, bij andere duurt het jaren.

Kort of lang voorstadium

De Duitse onderzoeker Carolin Daniel vergeleek afweercellen van kinderen met auto-immuniteit die kort geleden begonnen was of al langere tijd duurde. De kinderen hadden nog geen diabetes.

In haar onderzoek zag Daniel een verschil in de T-cellen, een type afweercellen. Beide groepen reageerden namelijk anders op bepaalde ‘schakelaars’ van genen die de werking van T-cellen sturen. Deze zogeheten microRNA’s zetten bepaalde genen aan of uit. Zo kunnen ze afweercellen stimuleren of juist remmen.

Verschillende reactie

Bij kinderen die pas kort een afweerreactie hadden, zagen de onderzoekers dat microRNA 181A de afweer stimuleert. Hierdoor ontstaan meer aanvallende T-cellen die de eigen bètacellen aanvallen, waardoor auto-immuniteit verergert.

Dit was anders bij kinderen die al langer een afweerreactie hadden. Bij hen speelde MicroRNA 181A geen duidelijke rol, want hij was net zo laag als bij kinderen zonder auto-immuniteit.

Auto-immuniteit remmen

De conclusie van Daniel zou betekenen dat auto-immuniteit afneemt als je microRNA 181A remt. Bij muizen zag zij inderdaad dat een remmer van microRNA 181A de auto-immuniteit verminderde. Of dit ook werkt bij mensen, moet nog worden onderzocht. Daarnaast is het belangrijk om metingen bij dezelfde mensen op verschillende tijdstippen te doen. Zo is te zien hoe de auto-immuniteit zich ontwikkelt.

Belang voor Nederlands onderzoek

De resultaten uit het Duitse onderzoek kunnen ook bijdragen aan het werk van Nederlandse onderzoekers, zoals Bart Roep van het LUMC. Hij brengt in kaart welke genen betrokken zijn bij afweerreacties tegen bètacellen. En hoe deze genetische ‘streepjescode’ verschilt tussen mensen met diabetes type 1. De behandeling kan dan afgesteld worden op de betrokken genen bij een persoon.

Biobank

Henk-Jan Aanstoot van Diabeter werkt samen met het UMC Groningen aan een biobank. Hierin verzamelen zij allerlei informatie en lichaamsmateriaal van mensen met diabetes type 1. Zij kijken ook naar microRNA. Met alle gegevens uit de biobank zijn straks meer verschillende subgroepen bij diabetes type 1 te onderscheiden. 

Het nieuwe onderzoek van Daniel geeft meer inzicht in de verschillen tussen mensen met diabetes type 1. Er zal nog aardig wat onderzoek en tijd overheen gaan, maar uiteindelijk helpt dit bij de ontwikkeling van behandelingen op maat. 

Op de hoogte blijven?

Ontvang elke 2 weken nieuws over diabetes type 1 per e-mail, met alleen artikelen die voor jou interessant zijn. Maak eenvoudig in 1 minuut een account aan en geef je interesses aan!


Vragen naar aanleiding van dit artikel (1)


Mijn vrouw kreeg op 27 jarige leeftijd diabetes na een miskraam (haar eerdere zwangerschap ging gepaard met diabetes maar was weg toen de bevalling had plaatsgevonden) na de miskraam ging de diabetes niet weg en ging mijn vrouw insuline spuiten. Kortwerkende en langwerkende insuline. Ofschoon in die tijd nog geen duidelijk onderscheid werd gemaakt tussen type 1 en 2 , werd ons later duidelijk dat de internist die haar behandelde sprak over diabetes type 1. De huidige internist heeft de diabeteszorg overgedragen aan de huisarts en heeft hem geschreven dat mijn vrouw diabetes type twee heeft. Omdat bijv. een fsl niet wordt vergoed bij diabetes type 2 wil ik graag dat in haar dossier melding wordt gemaakt van diabetes type 1. Mijn vrouw heeft dus diabetes vanaf haar 27 ste jaar, heeft nooit zwaarder gewogen dan 52 kg en spuit nu inmiddels al meer dat 40 jaar. Heeft ze nou type 1 of diabetes type 2?

Beste Catarata47, wat vervelend dat de internist kennelijk niet goed heeft uitgelegd waarom de diagnose in het dossier is veranderd van type 1 naar type 2. Daar zou ik zeker bij de huisarts even navraag over doen, wat daar de reden van was. Ik kan me voorstellen dat de diagnose belangrijk is in verband met vergoedingen e.d. Als u er met de huisarts niet uitkomt, kunt u ook een second opinion bij een internist vragen. Soms kan diabetes type 1 bijv. heel geleidelijk beginnen (LADA) en lijkt het eerst op diabetes type 2 en daardoor voor verwarring zorgen bij de diagnose, al lijkt het erop dat uw vrouw meteen vol insuline nodig had. Daar kan alleen een arts verder in duiken, hopelijk komt er duidelijkheid. Succes! Groeten, Elise (redactie diabetestype1.nl)
Vraag gesteld door: Catarata47
Beantwoord door de DiabetesType1 redactie op: 09 november 2018 om 10:56

Stel een vraag

Gesprekken over dit artikel (0)


Start gesprek

Gerelateerde onderzoeksartikelen

GAD65 als vaccin om diabetes type 1 te remmen.jpg
18 december 2018

GAD65 als ‘vaccin’ om diabetes type 1 te remmen?

diabetesonderzoekers.jpg
29 maart 2018

Nederlandse diabetes type 1-onderzoekers

down20161221-6118-gjpomf.jpeg
15 december 2016

Bètacellen opsporen bij diabetes type 1