Met een continue glucosesensor je bloedsuiker regelen

Redactie van diabetestype1.nl • 9 januari 2018
shrine20180109-21865-1yrpiq1.jpg

Je bloedsuiker regelen met een continue glucosemeter (CGM). Het klinkt zo mooi, maar zo makkelijk is het nog niet. Wat kun je én wat doe je met al die meetgegevens? Twee internationale organisaties zetten de studies op een rij en komen met ideeën om de CGM te verbeteren. 

Update 16 augustus 2018

Vijftien jaar geleden kwamen de eerste CGM-systemen beschikbaar. Veel mensen geloofden dat de CGM voor een revolutie zou zorgen en de bloedsuikercontrole bij veel mensen met diabetes type 1 zou verbeteren. Maar de CGM levert nog niet altijd de gewenste verbeteringen op. De EASD en ADA zetten de verschillende studies naar het gebruik van de CGM op een rij.

Verbetering van het HbA1c

In een JDRF-onderzoek in 2008 droegen 322 kinderen (vanaf 8 jaar) en volwassenen 26 weken de Dexcom SEVEN, de MinMed of de FreeStyle Navigator. Of ze prikten zelf hun bloedsuiker. Bij de mensen vanaf 25 jaar die een glucosesensor droegen, verbeterde het HbA1c. Vooral bij mensen die de sensor minstens zes dagen per week droegen. 

Ook in de Amerikaanse DIAMOND-studie waren positieve resultaten te zien bij 158 patiënten die meerdaags insuline injecteerden. Het HbA1c verbeterde met 11 mmol/mol na het 24 weken dragen van de Dexcom G4. De Dexcom G6 glucosmeter is nu in onderzoek en kan voor tien dagen de glucose meten, in vergelijking met de maximale huidige draagtijd van zeven dagen.

Op basis van resultaten van de Amerikaanse REPLACE-BG-studie (226 volwassenen met diabetes type 1) heeft de FDA de Dexcom G5 goedgekeurd ter vervanging van de vingerprik bij mensen die minimaal twee jaar diabetes type 1 hebben.

In de Europese IMPACT-studie droegen 241 volwassenen 14 dagen de FreeStyle Libre. De mensen hadden dagelijks gemiddeld 90 minuten minder vaak een hypo en 20 minuten minder vaak een hyper.

Nog even voor de duidelijkheid: de FreeStyle Libre (op de foto te zien) is officieel geen volledige continue glucosemeter maar een flash glucose meter of intermittently scanned CGM, omdat de sensor elk minuut meet en je zelf actief de waarde afleest. Het apparaat geeft zelf geen alarm. Hij is in dit CGM-onderzoek wel meegenomen.

Beperkingen continue glucosemeter

Naast de verbetering van je bloedsuikerwaarden en HbA1c biedt een CGM ook meer gemak: je hoeft minder tot niet te prikken en er komt geen naald aan te pas. Maar de CGM heeft ook enkele nadelen.

Voor de verschillende CGM-systemen is regelmatig kalibratie nodig. Dit geldt trouwens niet voor de FreeStyle Libre. Gebruikers rapporteren soms verschillen in metingen. Ze ervaren de CGM soms als last, omdat het de diabetes zichtbaar maakt. Ook zetten mensen weleens het alarm uit. Het gevaar van een CGM kan zijn dat mensen te vaak meten en ze er obsessief mee bezig zijn. Ook zijn er mensen die last krijgen van huiduitslag en kan de CGM loslaten door zweet of bijvoorbeeld het stoten tegen een deurpost. Of mensen verliezen de transmitter. 

De kosten voor de continue glucosemeter zijn hoog, zo rond de € 3.000 per jaar. Deze kosten worden voor bepaalde groepen vergoed. De FreeStyle Libre kost ongeveer € 1.600 per jaar. Tegenover ongeveer € 700 per jaar voor 5x per dag meten met een vingerprik. De kosten voor de FreeStyle Libre worden niet vergoed. 

Educatie en training

Een belangrijk voordeel van de CGM is dat je beter en meer inzicht hebt in je waarden. Maar dan moet je wel weten hoe je deze waarden moet interpreteren. Een weegschaal verbetert ook niet automatisch het gewicht. Een training kan tips geven over het gebruik, bijvoorbeeld hoe je trends kunt ontdekken, zodat je hypo's en hypers voorkomt. Ook kun je de gegevens delen met je zorgverlener en je ouders. Moeten zij ook nog wel even op cursus!

Aanbevelingen

De ADA en EASD adviseren meer onderzoek naar de voordelen, waarde en betrouwbaarheid van de CGM. En ook meer standaardisering hierin, zodat de verschillende CGM studies makkelijker met elkaar vergeleken kunnen worden. Tot slot sturen ze aan op meer communicatie en samenwerking tussen de verschillende betrokken partijen, zoals de CGM-producenten, regelgevende instanties die zorgen voor toelating tot de markt, beleidsmakers en patiënten.  

Een continue glucosemeter leidt bij veel mensen met diabetes type 1 tot een verbetering van het HbA1c. Hiervoor moet je de meetwaarden wel goed kunnen interpreteren en dat blijkt nog best een uitdaging. Een training kan hierbij helpen.

Vragen over dit onderzoek? 

Maak eenvoudig in 1 minuut een account aan en stel je vraag onder dit artikel!

Gesprekken over dit artikel