Medicijnen naast insuline bij diabetes type 1.jpg

Medicijnen naast insuline bij diabetes type 1 - de stand van zaken

De afgelopen jaren kijken onderzoekers of medicijnen die in gebruik zijn voor diabetes type 2, ook zin hebben bij diabetes type 1. Niet om insuline te vervangen maar als aanvulling daarop. Om welke middelen dat gaat, zie je in dit overzicht.

Het lijkt niet zo voor de hand liggen om naast insuline nog een ander medicijn te gebruiken voor je diabetes type 1. Voor mensen met diabetes type 2 is dat een heel ander verhaal. Zij krijgen vaak medicijnen om hun bloedsuikers te reguleren. Veel van die medicijnen zijn ook in onderzoek voor diabetes type 1:

SGLT1 en SGLT2-remmers

SGLT2-remmers zijn bloedsuikerverlagende middelen. Ze zorgen ervoor dat je suiker uitplast op het moment dat je bloedsuikerwaarden te hoog zijn.

SGLT2-remmers worden gebruikt in tabletten bij mensen met diabetes type 2. Maar ook bij diabetes type 1 lijken ze positieve effecten op de bloedsuikerwaarden te hebben. Helaas zijn het nog niet de ideale extra middelen, want bij mensen met diabetes type 1 is er bij gebruik ook een groter risico op ketoacidose.

Dapaglifozine

Het middel dapagliflozine is op de markt voor diabetes type 2. In 2018 bleek dat het ook bij diabetes type 1 werkte in combinatie met insuline. Het HbA1c daalde en de time-in-range was zelfs 2,5 uur toegenomen.

Een ander onderzoek naar deze SGLT2-remmers geeft vergelijkbare resultaten. Wel zijn bijwerkingen gevonden, waaronder een iets verhoogd risico op ketoacidose. Dat moet dus verder onderzocht worden. In Europa is gebruik van dapagliflozine inmiddels goedgekeurd voor mensen met diabetes type 1 en overgewicht. Naast effect op de bloedsuikers, zorgt dapagliflozine ook voor gewichtsverlies.

Sotagliflozine

Sotagliflozine remt niet alleen SGLT2, maar ook zijn broer die ongeveer hetzelfde werkt SGLT1; het is een SGLT1/SGLT2 dubbel-remmer. Het medicijn is in het voorjaar van 2019 goedgekeurd voor mensen met diabetes type 1 en overgewicht in de Europese Unie. Ook dit medicijn helpt om de HbA1c-waarde te laten zakken, blijkt uit grote onderzoeken. Daarnaast kan het medicijn ook zorgen voor gewichtsverlies bij mensen met overgewicht.

Helaas heeft deze SGLT2-remmer ook een verhoogde kans op ketoacidose als bijwerking. Gebruik van dit medicijn wordt daarom alleen aangeraden aan mensen met diabetes type 1 in combinatie met ernstig overgewicht. Zolang zij het medicijn gebruiken, moet de hoeveelheid ketonen in het bloed scherp in de gaten worden gehouden.

Empagliflozine

Nog een andere kandidaat in dezelfde groep is empagliflozine. Het middel zorgde volgens onderzoeksresultaten uit 2018 voor een lager HbA1c, een lagere bloeddruk, lager gewicht en meer Time in Range per dag, en minder nachtelijke hypo’s. En heel belangrijk: in een lage dosis verhoogde het de kans op ketoacidose niet.

GLP-1 analogen

GLP-1 staat voor glucagon-like-peptide-1, een hormoon dat wordt gemaakt in de darm. Het hormoon geeft een seintje dat je hebt gegeten aan onder andere je maag, lever en spieren. Hierdoor wordt je eten goed verwerkt. In de hersenen stimuleert het hormoon een vol gevoel na het eten en remt het de eetlust.

GLP-1 verlaagt ook de bloedsuikers via acties in de alvleesklier. In de eilandjes van Langerhans beschermt het hormoon de insulineproducerende bètacellen. Ook remt GLP-1 de afgifte van het hormoon glucagon.

Onderzoekers zijn hier hard mee aan de slag gegaan en hebben verschillende klassen medicijnen gemaakt die op GLP-1 inhaken:

GLP-1 eiwit (exendin)

Helaas wordt de natuurlijke GLP-1 snel afgebroken. Het alternatief kwam uit onverwachte hoek: een bepaalde hagedis maakt ook GLP-1 aan. Dit lijkt heel erg op het hormoon van mensen. Als je het namaakt en injecteert, krijg je dezelfde positieve effecten op de gezondheid.

GLP-1 receptor-analogen (bijvoorbeeld liraglutide, semaglutide, exenatide)

Deze geneesmiddelen zorgen ervoor dat de ontvangers op de cellen, zogenaamde receptoren, gestimuleerd worden. Het grootste gedeelte van deze klasse medicijnen wordt toegediend met een injectiepen. In september 2019 heeft de geneesmiddelenautoriteit FDA ook een orale variant van deze middelen goedgekeurd in de Verenigde Staten. Die slik je dus in plaats van spuiten.

DPP-4 remmers (bijvoorbeeld sitagliptine, vildagliptine, saxagliptine)

DPP-4 is een eiwit dat GLP-1 kapotmaakt. Door dit eiwit te remmen, krijg je dus meer GLP-1 in je lichaam.

Combinatiemedicijnen (bijvoorbeeld GLP-1 en GIP of GLP-1, GIP, glucagoncombinaties)

Dit is een vrij nieuwe ontwikkeling waarbij ze twee, of soms wel drie verschillende hormonen aan elkaar koppelen. Hierdoor kunnen de acties van GLP-1 nog fijner geregeld worden. Dit betekent een versterkte werking en minder bijwerkingen.

Het extra toedienen van GLP-1 zorgt voor gewichtsvermindering en verlaging van de bloedsuikerwaarden. GLP-1 is dus heel geschikt als basis voor nieuwe medicijnen, in eerste instantie bij diabetes type 2. Er wordt nu getest of het ook gebruikt kan worden bij mensen met diabetes type 1. Bijvoorbeeld in de ADJUNCT ONE-studie en in de NewLira-studie. De resultaten zijn voorzichtig positief. Maar meer onderzoek is nodig voordat deze middelen in de praktijk gebruikt kunnen worden.

Glucagonremmers

Het medicijn Volagidemab (ook wel REMD-477) remt de werking van glucagon en zorgt voor betere bloedsuikerwaarden bij mensen met diabetes type 1. Dat blijkt uit een eerste studie naar deze glucagonremmers. Er wordt nog volop onderzoek gedaan naar dit nieuwe medicijn. Volagidemab is dus nog niet op de markt.

Een ander middel dat glucagon remt is pramlintide, een nagemaakte variant van het hormoon amyline. Het remt daarnaast de leging van de maag en stimuleert het gevoel van ‘vol zitten’, waardoor je eerder stopt met eten. Het middel wordt in de Verenigde Staten wel voorgeschreven, maar verder wordt het vooral onderzocht voor bijvoorbeeld toepassing in een kunstalvleesklier.

Overig (zoals verapamil en methyldopa)

Naast de nieuwe middelen, is er een interessante groep medicijnen die al voor andere aandoeningen worden gebruikt. Sommige medicijnen blijken ook effect te hebben op bloedsuikers. Een voorbeeld hiervan is de bloeddrukverlager verapamil. Dit middel zorgt voor betere bloedsuikerwaarden en minder behoefte aan insuline bij mensen die pas kort diabetes type 1 hebben.

Dit bleek in 2018 uit een Amerikaans onderzoek. Het heeft niets met bloeddrukverlaging te maken, maar verapamil lijkt volgens die eerste onderzoek de bètacellen langer intact te houden. Ook het al lang bestaande middel tegen hoge bloeddruk methyldopa lijkt de insulineproducerende cellen te beschermen. Dit is wel pas bij weinig mensen getest, dus er is meer onderzoek nodig om te kijken voor wie dit medicijn nuttig is.

Een extra medicijn dat de bloedsuiker verlaagt of glucagon remt, zou een uitkomst kunnen zijn voor mensen bij wie het niet lukt om de diabetes goed te reguleren. Welke van deze medicijnen het beste is, is nog niet bekend. Verapamil is van een heel andere categorie. Dit middel zou diabetes mogelijk kunnen uitstellen in het allereerste stadium.

Op de hoogte blijven?

Maak eenvoudig in 1 minuut een account aan en ontvang regelmatig nieuws over diabetes type 1 per e-mail, met alleen artikelen die voor jou interessant zijn.


Gesprekken over dit artikel (1)

Start gesprek

Gerelateerde bibliotheekartikelen